Shabbat

Gods kalender zit ingenieus in elkaar. Bij de shabbat wordt gewoonlijk alleen aan de zevende dag van de week gedacht, maar de shabbat voltrekt zich op allerlei tijdsniveaus:

  1. De zevende dag van de week =                                          shabbatsdag (Ex. 20:8-11)
  2. De zevende maand van het jaar =                                     feestmaand (Lev. 23:23-43)
  3. Het zevende jaar van de jaarweek =                                shabbatsjaar (Lev. 25:2-7)
  4. De zevende jaarweek eindigt met het 50ste jaar =   jubeljaar (Lev. 25:8-12)

Deze lijn wordt in zowel de Joodse als de christelijke traditie verder doorgetrokken: het zevende millennium = vrederijk van de Messias (vgl. Openb. 20:1-6)

Dit laat zien dat het shabbatsgebod in de Tien Geboden/Woorden verder reikt dan de wekelijkse zevende dag. Hierin zijn ten diepste alle Bijbelse feesten vervat. Het gebod gaat over het houden van Gods kalender. De Tien Geboden/Woorden vormen een samenvatting van de hele Torah. Zo geldt dat ook voor het vierde gebod. Het shabbatsgebod is een samenvatting van alle geboden over de feesten, die in de Torah te vinden zijn.

Nu stelt Paulus in Kolossenzen 2:16-17: Laat dus niemand u veroordelen inzake eten of drinken, of op het punt van een feestdag, een nieuwe maan of de sabbatten. Deze zaken zijn een schaduw van de toekomstige dingen, maar het lichaam is van Christus.

Hieruit leren wij tenminste twee dingen. Ten eerste mogen de feesten onder het nieuwe verbond niet op veroordelende wijze gebruikt worden. We hebben hier een stuk vrijheid in gekregen, door het werk van Yeshua. Ten tweede zijn de feesten een profetisch teken en een schaduw van Yeshua zelf! En daarmee zijn ze dus uiterst waardevol en belangrijk om te vieren. Niet vanuit ‘moeten’, maar vanuit ‘passie’…

 Yeshua noemde zichzelf dan ook Heer van de shabbat in Markus 2:28. Hij dichtte zichzelf de autoriteit toe om te bepalen wat er wel en niet op de shabbat toegestaan was. En wat dat precies inhield vertelde Hij er ook bij. Eén stelregel vat eigenlijk alles samen: ‘De shabbat is gemaakt ter wille van de mens, niet de mens ter wille van de shabbat’. De mens is niet gemaakt om te zuchten onder de regeltjes, maar de shabbat moet behulpzaam zijn om de mens te laten rusten en zich op God te helpen richten. In noodgevallen gaat het welzijn van de mens boven de regels uit.

(Dit was overigens geen nieuwe lering binnen het Jodendom. Yeshua sluit hier aan bij de zogenaamde pikuach nefesh regel en rekt deze mogelijk iets op. Binnen het Jodendom is het volgens deze regel toegestaan om geboden te overtreden, als daarmee een leven gered kan worden.)

Hoe is de shabbat een schaduw van Yeshua zelf? Allereerst rustte Yeshua de zevende dag in het graf. Hij voltooide zijn werk aan het kruis op de zesde dag, toen Hij zei: ‘Het is volbracht’. Daarna rustte Hij op de zevende dag van al zijn werk in het graf. (Joh. 19:30-42) We horen hierin een echo vanuit het scheppingsverhaal: ‘Toen God op de zevende dag zijn werk, dat Hij gemaakt had, volbracht had, rustte Hij op de zevende dag van al Zijn werk, dat Hij gemaakt had.’ (Gen. 2:2)

En de zondag dan? Die kunnen we ook vieren, als opstandingsdag van Yeshua. Maar dat is niet perse een dag van rust, maar juist van opstaan uit de rust (opstanding uit de dood). Deze dag zouden we niet zozeer als eerste dag van de week moeten beschouwen, maar als achtste dag. De achtste dag staat symbool voor het aanbreken van Gods Koninkrijk. Een nieuwe week, een nieuwe wereld breekt aan, waarin gerechtigheid woont (2 Petr. 3:13)! Dan mogen we vrolijk op weg gaan, om Yeshua’s Koninkrijk gestalte te gaan geven…

Yeshua heeft ook voor ons een nog komende shabbatsrust verworven. In Hebreeën 4:1-16 wordt betoogd dat er nog een shabbatsrust klaarligt voor het volk van God. Als volgelingen van Yeshua moeten we ons ervoor inspannen dat we die rust binnen mogen gaan. Want om die rust binnen te gaan zullen we door het oordeel van God heen moeten. Er is volgens deze brief maar één manier om daardoorheen te komen en dat is door te vertrouwen op onze Hogepriester Yeshua Hamashiach, die voor ons instaat in de hemel.

Ten slotte is de shabbat ook een profetisch teken van het vrederijk. In de Hebreeuwse Bijbel kunnen we lezen dat de hele wereld in het vrederijk met Israëls feesten mee zal vieren. In elk geval kunnen we dit lezen over de shabbat, de nieuwe maan en het loofhuttenfeest:

Het zal gebeuren dat alle overgeblevenen van alle heidenvolken die tegen Jeruzalem zijn opgerukt, van jaar tot jaar zullen opgaan om zich neer te buigen voor de Koning, de Heer van de legermachten, en om het Loofhuttenfeest te vieren. (Zach. 14:16)

En het zal gebeuren dat van nieuwe maan tot nieuwe maan en van shabbat tot shabbat alle vlees zal komen om zich neer te buigen voor Mijn aangezicht, zegt de Heer. (Jes. 66:23)

Als gelovigen uit de heidenen kunnen we de shabbat, de nieuwe maan en het loofhuttenfeest dus meevieren. Dit als profetisch teken van wat komen gaat. Uiteraard is hier voorzichtigheid in vereist. Het zal altijd meevieren moeten blijven. De feesten zijn in eerste instantie aan het Joodse volk gegeven. Wij worden daar in tweede instantie bijgevoegd, als nieuwe takken op een oeroude stronk (Rom. 11:18).

Voor een uitleg over Joodse shabbatsgebruiken met het oog op Yeshua, verwijs ik u naar het tabblad ‘Joodse feesten’. Deze gebruiken vinden we niet in de Bijbel terug, daarom treft u deze onder een apart tabblad aan…

 

© Jan-Willem van den Bosch